
Stop! met het stigmatiseren van
de "Buitenlandse Hond"
⛔️ STOP MET HET STIGMATISEREN VAN DE ‘BUITENLANDSE HOND’ ⛔️
De laatste jaren lijkt de buitenlandse hond overal de schuld van te krijgen.
Na een incident klinkt al snel:“Was het een Roemeense hond?”
“Waarom halen we eigenlijk honden uit het buitenland?”
Wij zijn daar eerlijk gezegd behoorlijk klaar mee.
Want wat bedoelen mensen eigenlijk met een buitenlandse hond?Bedoelen zij alleen de rescuehond uit Roemenië, Spanje, Griekenland of Portugal die via een stichting naar Nederland komt?
Een hond die is gechipt, gevaccineerd, een Europees paspoort heeft, in TRACES staat geregistreerd en van wie de reis en bestemming administratief zijn vastgelegd?
Juist zorgvuldig werkende stichtingen maken hun honden zichtbaar en controleerbaar. De herkomst is bekend, het transport wordt geregistreerd en er is een organisatie aanspreekbaar.En juist daardoor lijken deze honden steeds vaker het mikpunt te worden van wantrouwen en kritiek.
DE ZICHTBARE HOND WORDT VERDACHT GEMAAKT
In Nederland leven ongeveer 1,7 miljoen honden. Jaarlijks worden officieel ruim 71.000 pups in Nederland geboren en iets meer dan 10.000 honden geïmporteerd. Tegelijkertijd wordt de jaarlijkse vraag naar honden geschat op ongeveer 160.000 tot 170.000.
Dan is de logische vraag: waar komen al die andere honden vandaan?
Ook een pup die in Oost-Europa wordt geboren, via België of Duitsland wordt vervoerd en uiteindelijk door een Nederlandse handelaar wordt aangeboden, is een buitenlandse hond. Alleen noemen we hem meestal niet zo. Zodra een pluizige Pomeriaan, Labradoodle of ander populair pupje via een keurig ogend adres wordt verkocht, is het ineens gewoon een schattige gezinshond van een “fokker”.
Maar een Nederlands telefoonnummer, een gezellige woonkamer en een prijskaartje van € 2.000 maken een hond nog niet Nederlands.
Het etiket buitenlandse hond wordt vooral geplakt op de rescuehond van wie de herkomst juist bekend is. De commercieel geïmporteerde hond verdwijnt ondertussen achter woorden als fokker, nestje of Nederlandse verkoper. De zichtbare rescuehond wordt verdacht gemaakt.
De onzichtbare handel blijft grotendeels buiten beeld.
DE BEELDVORMING IS NIET EERLIJK
Iedere ernstige bijtpartij is er één te veel. Natuurlijk moeten incidenten serieus worden genomen.Maar wanneer een rescuehond bij een incident betrokken is, wordt zijn land van herkomst vaak direct genoemd. Bij andere honden lezen we meestal alleen dat het om een gezinshond, rashond, kruising of ooit aangeschafte pup gaat.
Daardoor ontstaat een vertekend beeld. De rescuehond krijgt een zichtbaar land van herkomst en daarmee onmiddellijk een label. Bij commercieel geïmporteerde honden blijft de werkelijke herkomst vaak volledig buiten beeld.
Ook wordt steeds geroepen:“Waarom halen jullie honden uit het buitenland? De Nederlandse asielen zitten toch vol?”Dat beeld is veel te simpel en klopt niet. Nederlandse asielen herplaatsen jaarlijks duizenden honden die meestal al in Nederland leefden en opnieuw een eigenaar zoeken. Zij zitten niet vol met honderdduizenden geschikte honden die de totale jaarlijkse vraag naar honden kunnen opvangen.
WIJ ZIEN WEL EEN VERANDERING — VOORAL BIJ MENSEN
Wij werken al jarenlang met honden, adoptanten, opvanggezinnen en herplaatsingen. Ook wij zien dat er iets verandert. Maar die verandering zien wij niet zozeer bij de honden. Wij zien haar vooral bij de mensen. We zien steeds vaker zelfoverschatting. Mensen vallen voor een schattige foto, een mooi uiterlijk of een handzaam formaat en denken: “Dat redden wij wel.”
Er wordt uitgebreid verteld hoeveel liefde iemand te bieden heeft, maar veel minder nagedacht over tijd, geduld, structuur, training, kosten en aanpassing. Liefde is belangrijk, maar liefde alleen maakt iemand nog geen geschikte hondeneigenaar.
-
Een hond moet tegenwoordig vaak direct passen in een volledig ingericht mensenleven.
-
Hij moet mee naar visite en restaurants, goed zijn met kinderen, vriendelijk zijn tegen iedere hond, probleemloos alleen kunnen blijven, rustig in de auto zitten en zich het liefst binnen enkele dagen volledig thuis voelen.
-
Het leven van de mens hoeft vooral niet te veranderen.
-
De hond moet zich aanpassen.
Lukt dat niet snel genoeg? Dan is de hond ineens moeilijk, past hij niet of zou er iets aan hem mankeren.Wij zien niet dat honden massaal ingewikkelder zijn geworden.
Wij zien wél dat:
-
de verwachtingen steeds hoger worden;
-
de tolerantie steeds kleiner wordt;
-
mensen sneller afhaken;
-
normale aanpassingstijd als probleemgedrag wordt gezien;
-
gedrag waarvoor vroeger begeleiding werd gezocht, nu direct een reden voor herplaatsing kan zijn.
EERLIJKHEID WERKT TWEE KANTEN OP
Natuurlijk hebben stichtingen een grote verantwoordelijkheid. Een stichting moet eerlijk informeren, zorgvuldig selecteren, bekende aandachtspunten benoemen en een hond niet makkelijker of mooier voorstellen dan hij is. Maar een stichting kan alleen beoordelen op basis van de informatie die een kandidaat zelf verstrekt. En daar gaat het helaas ook regelmatig mis. Werkuren worden kleiner voorgesteld dan ze werkelijk zijn. Drukte binnen het gezin wordt gebagatelliseerd. Ervaring met honden wordt groter gemaakt. Problemen met kinderen, andere dieren, relaties, financiën of opvangmogelijkheden worden niet altijd volledig verteld.
Sommige mensen geven tijdens een intake vooral de antwoorden waarvan zij denken dat een stichting ze wil horen. Wanneer de werkelijkheid later anders blijkt te zijn, wordt de volledige verantwoordelijkheid bij de stichting of de hond neergelegd. Zo werkt het niet.
Een zorgvuldige match is geen glazen bol. Gedrag ontstaat uit een combinatie van aanleg, ervaringen, omgeving, begeleiding en omstandigheden. Niemand kan garanderen dat een plaatsing nooit problemen oplevert. Maar wanneer informatie vooraf niet eerlijk of volledig wordt gegeven, kan zelfs de zorgvuldigste organisatie geen goede afweging maken. Verantwoordelijkheid ligt niet alleen bij degene die de hond plaatst. Verantwoordelijkheid ligt óók bij degene die hem wil hebben.
EEN HOND IS GEEN TIJDELIJK PROJECT
Onze samenleving is veranderd. Relaties lopen stuk, mensen verhuizen, de werkdruk neemt toe, financiële problemen ontstaan en dierenartskosten zijn fors gestegen. Mensen willen daarnaast reizen, vrijheid en flexibiliteit. Dat kunnen allemaal redenen zijn waardoor een hond opnieuw een thuis nodig heeft. Maar een hond leeft niet vijftien jaar lang alleen met u mee zolang hij gezond, makkelijk en goedkoop is. Een hond wordt oud. Een hond kan ziek worden. Een hond kan begeleiding nodig hebben. Een hond kan anders reageren dan u vooraf had gehoopt. Wie een hond in huis haalt, begint niet aan een tijdelijk project. Die neemt verantwoordelijkheid voor een levend wezen dat volledig afhankelijk is van mensen.
NEDERLAND ZIT INEENS VOL ‘EXPERTS’
Na ieder incident staan de analyses op sociale media alweer klaar voordat de feiten bekend zijn. Mensen die de hond nooit hebben gezien, de eigenaar niet hebben gesproken en de voorgeschiedenis niet kennen, weten binnen enkele minuten precies wat er is misgegaan.
Een stellige mening levert nu eenmaal meer aandacht op dan een genuanceerd verhaal.Maar hondengedrag kan niet serieus worden beoordeeld aan de hand van één filmpje, één bericht of één incident.
Natuurlijk spelen ras en aanleg een rol. Sommige rassen en kruisingen vragen meer kennis, ervaring en verantwoordelijkheid dan andere. Bij krachtige honden kunnen de gevolgen van verkeerde begeleiding bovendien veel groter zijn. Dat mogen en moeten we benoemen. Maar het heeft niets te maken met de landsgrens die een hond ooit is overgestoken. Een hond uit Roemenië of Griekenland is niet automatisch een probleemhond. Een hond die in Nederland is geboren, is niet automatisch een makkelijke of veilige gezinshond. En een Nederlands paspoort zegt niets over de omstandigheden waarin een hond werkelijk is geboren, gefokt of verhandeld.
KIJK NAAR DE HELE HONDENMARKT
De discussie moet niet alleen over rescuehonden gaan.
Zij moet gaan over de volledige hondenmarkt:
-
verantwoord fokken;
-
broodfok en massaproductie;
-
ondoorzichtige handelsroutes;
-
correcte registratie;
-
eerlijke voorlichting;
-
realistische verwachtingen;
-
goede begeleiding;
-
en vooral de verantwoordelijkheid van mensen.
De buitenlandse rescuehond is zichtbaar, geregistreerd en controleerbaar. Daardoor is hij gemakkelijk aan te wijzen. Ondoorzichtige import, dubieuze handel, verkeerde keuzes, zelfoverschatting en afnemende verantwoordelijkheid blijven veel vaker buiten beeld. Zolang we naar “die buitenlandse honden” blijven wijzen, hoeven we blijkbaar niet kritisch naar onze eigen keuzes te kijken. En misschien is dat precies waarom dit stigma zo hardnekkig blijft bestaan.
KIJK EERST NAAR DE HOND NAAST U
Voordat u naar een adres in Brabant rijdt en € 2.000 betaalt voor een fluffy Pomeriaan, Labradoodle of ander populair pupje, stel uzelf dan eerst een paar eerlijke vragen:
Waar is deze hond werkelijk geboren? Waar is de moederhond? Hoeveel nesten zijn er aanwezig? Kloppen de documenten en het verhaal van de verkoper? Is dit echt een Nederlandse pup? Of is hij via verschillende landen en tussenpersonen uiteindelijk in een Nederlandse woonkamer terechtgekomen? En vertel uzelf vooral niet dat u het pupje heeft “gered” uit een schuur, bij een nare fokker of uit slechte omstandigheden. U heeft hem gekocht.
Uw geld heeft het verdienmodel beloond en ruimte gemaakt voor het volgende nest. Dat is geen reddingsactie. Dat is vraag creëren en de handel in stand houden. Zolang er wordt betaald, wordt er doorgefokt.
Wie werkelijk bezorgd is over hondenwelzijn, wijst daarom niet alleen naar rescueorganisaties die hun honden zichtbaar, geregistreerd en controleerbaar naar Nederland brengen. Die kijkt óók naar de eigen keuzes. Naar de verkoper, de documenten, de moederhond, de werkelijke herkomst van de pup en de industrie die met iedere impulsieve aankoop opnieuw wordt gefinancierd.
Dus voordat u opnieuw roept dat “die buitenlandse honden” het probleem zijn, kijk eerst eens goed naar de hond naast u.
Het antwoord op de vraag waar die werkelijk vandaan komt, zou weleens een stuk ongemakkelijker kunnen zijn dan u lief is.

